België is een land met drie officiële talen en een groeiend aantal inwoners en patiënten die geen van de twee grootste moedertalen spreken. Voor een praktijk betekent dit iets heel concreets: op elk moment kan de telefoon overgaan met iemand aan de lijn die geen Nederlands spreekt — en dan is de vraag niet óf dat gebeurt, maar wat er dan gebeurt.
Een gemiste oproep door een taalbarrière is nog altijd een gemiste oproep
Een Franstalige patiënt die naar een Nederlandstalige praktijk belt, of een internationale patiënt die enkel Engels spreekt, ondervindt vaak hetzelfde probleem: het gesprek verloopt moeizaam, de patiënt voelt zich niet begrepen, of er wordt simpelweg doorverwezen naar “iemand die later terugbelt.” In de praktijk betekent dat vaak: die patiënt belt niet opnieuw, en zoekt een praktijk waar de communicatie wél vlot verloopt.
Het is geen kwestie van onwil — het is een structureel probleem. De meeste onthaalmedewerkers spreken vlot één, misschien twee talen op een niveau waarop ze medische afspraken, verzekeringsvragen of klachten helder kunnen bespreken. Alle drie op professioneel niveau beheersen, is eerder uitzondering dan regel.


Het is geen kwestie van onwil — het is een structureel probleem. De meeste onthaalmedewerkers spreken vlot één, misschien twee talen op een niveau waarop ze medische afspraken, verzekeringsvragen of klachten helder kunnen bespreken. Alle drie op professioneel niveau beheersen, is eerder uitzondering dan regel.
Dit komt vaker voor dan u zou verwachten
Zeker in en rond de taalgrens, in steden met een grote internationale gemeenschap, of in praktijken die expats en buitenlandse werknemers als patiënt hebben, is meertaligheid geen theoretisch scenario. Het is een terugkerende situatie — en elke keer dat ze slecht verloopt, is dat een patiënt die mogelijk niet terugkomt.
Meertalig personeel aanwerven is geen eenvoudige oplossing
Op papier lijkt de oplossing simpel: werf iemand aan die alle drie de talen vloeiend spreekt. In de praktijk is dat een smalle kandidatenpool, vaak gekoppeld aan een hoger loon, en nog steeds beperkt tot de uren waarin die ene persoon aan het werk is. Eén meertalige medewerker lost het probleem niet op buiten de kantooruren, in het weekend, of wanneer die persoon toevallig al aan de lijn hangt met iemand anders.
Hoe Sedra dit oplost
Sedra spreekt vloeiend Nederlands, Frans en Engels — niet als extra functie, maar als standaardonderdeel van elk gesprek. Een patiënt die in het Frans belt, wordt in het Frans geholpen. Een Engelstalige expat wordt vlot en professioneel te woord gestaan. En dat 24 uur per dag, zonder dat u daarvoor een specifiek profiel hoeft aan te werven of in te plannen.
Het resultaat: geen enkele patiënt valt nog buiten de boot, alleen omwille van de taal die hij of zij spreekt.

